De CWN is een stichting, waarin de beleidslijnen samenkomen in een bestuur. Het CWN-bestuur werkt met een taakverdeling in portefeuilles. In het bestuur zijn er momenteel acht portefeuilles / taken:
voorzitter; secretaris; financiën; PR & communicatie; oecumene, samenwerking & spiritualiteit; gemeenteopbouw, toerusting en vernieuwing, pastoraat en organisatie
Portefeuilles
De portefeuilles en taken zijn als volgt verdeeld:
ds. Rein Hoekstra (voorzitter)
Else Roza (secretaris)
Siebrand Brouwer (financiën)
pastoor Peter Feenstra (oecumene, samenwerking & spiritualiteit)
ds. Henk Jansen (gemeenteopbouw, toerusting en vernieuwing)
pastor Margreet Verspuij (pastoraat)
Gert van Dongen (organisatie)
Frans en Elly Linger (PR & communicatie)
De taken in het omvangrijke jeugdwerk zijn voor een groot deel gedelegeerd aan het bestuur van de CWJ (Charismatische Werkgroep Jeugd).
Het CWN- bestuur vergadert maandelijks te Driebergen. Tevens zijn er overlegsituaties met de commissies, met het bestuur van het jongerenwerk CWJ, met het bestuur van de katholieke charismatische vernieuwing (KCV, en met het bestuur van de leerstoel theologie van de charismatische vernieuwing. Jaarlijks in november wordt er een bestuursretraite gehouden in Helvoirt of Den Haag.
Het bestuur is nauw betrokken bij de organisatie van de conventies, die het hart van het werk van de CWN vormen. Ook worden er in voor- of najaar studiedagen georganiseerd. Regelmatig gebeurt dat in samenwerking met de Lucasorde en de KCV. Tevens richt het bestuur zich op contacten met de kerken. Daarbij wordt allereerst gedacht aan de Protestantse Kerk Nederland. De meeste betrokkenen bij de CWN zijn namelijk lid van de PKN. Er zijn goede contacten gegroeid met de landelijke protestantse kerk. Het bestuur heeft in 2008 een verklaring over gebed en genezing gepresenteerd aan de synodevoorzitter van de PKN. Bij deze verklaring ontwikkelde het Landelijk Dienstencentrum van de PKN een gespreksbrochure in samenwerking met de CWN.
Het bestuur ziet het als een belangrijke taak om de contacten met de landelijke kerk en de plaatselijke gemeenten in de komende jaren te verdiepen en zo het gedachtengoed van de charismatische vernieuwing onder de aandacht te brengen.







